Niederländische Verben/Verbformen, die mit g beginnen

Insgesamt: 278
gaan gaarkoken gadeslaan
gaffelen gaggelen gakken
gakkeren gallen galmen
galonneren galopperen galvaniseren
galvanizeren ganneven ganzenborden
gapen gappen garanderen
garen gareren garneren
garven gaslaan gassen
gasteren gatlikken gaufreren
gebaren gebeuren gebieden
gebruiken gebruikmaken gedagzeggen
gedenken gedijen gedogen
gedragen geeuwen geheimhouden
gehengen geheugen gehoorzamen
geien geilen gekken
gekscheren gelasten gelden
geldverdienen geleiden gelen
geleren gelieven gelijkbreien
gelijken gelijkgaan gelijkkloppen
gelijkknippen gelijkkomen gelijkliggen
gelijklopen gelijkmaken gelijkrichten
gelijkschakelen gelijkspelen gelijkstaan
gelijkstellen gelijkstemmen gelijktrekken
gelijkwerken gelijkzetten geloven
1, 2, 3, 4  »